|
|
Olympia mythologisch
Over het ontstaan van de Olympische Spelen doen er
verschillende legenden de ronde. De oorsprong ervan gaat terug tot de Oudheid.
Volgens de overlevering hadden de Spelen voor het eerst plaats in 776 V.C., maar algemeen
gaat men er van uit dat nog vroeger gelijkaardige sportwedstrijden werden georganiseerd.
Hier volgen enkele verhalen:
De god Ouranos(hemel), een vreselijke tiran, was getrouwd met de godin Gaia(aarde). Hij pijnigde
haar echter door de Cyclopen in de aarde te stoppen. Daarom gaf Gaia een sikkel aan haar
zoon Cronos, die daarmee zijn vader ontmande. Cronos, getrouwd met Rhea, ontpopte zich
als een net zo erge tiran als zijn vader en hielp zijn moeder niet.
Een orakel had echter
voorspeld dat Cronos door zijn eigen kinderen zou worden verslagen. Daarom at hij elk
kind op. Hades, Poseidon, Hera, Hestia en Demeter ondergingen dit lot. Alleen Zeus bleef
gespaard, omdat zijn moeder in zijn plaats een steen aan Cronos overhandigde. Zeus werd op
Kreta door de nimf Amalthea en vijf Kretenzische broers opgevoed. Eens volwassen zorgde hij ervoor
dat Cronos zijn broers en zussen uitbraakte. Dit leidde tot een strijd tussen Zeus en Cronos
(de titanenstrijd). Cronos werd verslagen en naar het meest onherbergzame deel van
de onderwereld gestuurd. Volgens sommige lezingen werd Cronos door Zeus verslagen
in Olympia, waarna Zeus om zijn overwinning te eren
de Olympische Spelen instelde.
Volgens een andere mythe gingen de hierboven genoemde vijf Kretenzische broers naar Olympia.
De oudste, Hercules (niet de zoon van Zeus en Alcmene), organiseerde daar loopwedstrijden
en gaf de winnaar een olijfkrans. Hij noemde deze spelen Olympisch.
Ook de Griekse halfgod en held Heracles houdt volgens de schrijver Pindarus verband met de Olympische
Spelen. Heracles had voor zijn vijfde werk met koning Augias
afgesproken dat hij betaald ging worden voor zijn arbeid. Na het reinigen van de stal wou Augias echter niet betalen,
omdat hij meende dat Heracles voor Eurystheus had gewerkt. Eurystheus daarentegen wou het werk niet als dusdanig
erkennen, omdat Heracles op de loonlijst van Augias zou staan. Na het beëindigen van zijn twaalf
werken heeft Heracles het koninkrijk van Augias veroverd, Augias vermoord en Augias' zoon tot koning uitgeroepen.
Na afloop ging Heracles naar Olympia om zijn vader Zeus te eren en toen zou hij
de Olympische Spelen gesticht hebben.
De meest bekende mythe over het ontstaan van de Olympische Spelen handelt echter over Pelops.
Zijn vader, Tantalos, die voor geen wreedheid terugdeinsde
om de gunst van de goden te bekomen, hakte Pelops in stukjes en zette het vlees voor
aan Zeus en enkele andere goden. Vol afschuw duwden ze de schotel van zich af.
Zeus onstak daarbij in een woede, die de hemel dooreenschudde. De oppergod liet de
lichaamsdelen van Pelops weer bij elkaar passen en blies ze nieuw leven in.
Pelops erfde de troon van zijn vader Tantalos, die voor zijn weerzinwekkende daad
in de onderwereld zwaar werd gestraft. Pelops was nu koning van Frygië en hij ging op zoek
naar een vrouw. Zo belandde hij op zijn tochten in Elis, waar koning Oinomaos de hand
van zijn dochter Hippodameia beloofde aan de man, die hem in het wagenrennen zou kunnen
verslaan. Maar Oinomaos gaf zijn tegenstander nooit de kans om de eindstreep te halen. Hij liet
Hippodameia op de wagen van de huwelijkskandidaat zitten, waar zij met haar charmes de aandacht
van de kandidaat moest afleiden. Tijdens de wedstrijd doodde de koning zijn kandidaat-schoonzoon
met de koperen lans die hij van de krijgsgod Ares ten geschenke had gekregen. Op die
manier kon hij telkens het huwelijk van zijn dochter uitstellen. Een orakel
had hem immers voorspeld dat hij door zijn schoonzoon zou worden vermoord.
Bij zijn aankomst in Elis schonk Pelops maar weinig aandacht aan de twaalf onfortuinlijke
huwelijkskandidaten die vóór hem om de hand van Hippodameia hadden gedongen en er hun
leven hadden bij ingeschoten. De hoofden van de slachtoffers hingen tegen de paleispoort
genageld, maar Pelops was niet van zijn stuk te brengen. Hij kende het gevaar en bedacht
een list. Hij zocht de wagenknecht van Oinomaos, Myrtillos, op en beloofde hem de helft
van zijn koninkrijk en de eerste huwelijksnacht met Hippodameia in ruil voor medewerking.
Myrtillos ging op het voorstel in en verving de aspennen van koning Oinomaos' wagen
door wassen staafjes, die in de loop van de wedstrijd zouden smelten. Zo geschiedde toen
de twee tegenstanders de landengte van Korinthe inreden. Eén van de wielen
van Oinomaos' wagen raakte los en vloog van zijn as. De koning kwam om het leven. Pelops huwde
Hippodameia, besteeg Oinomaos' troon en werd de nieuwe heerser over het grondgebied
van zijn verslagen schoonvader. Myrtillos, de enige getuige van zijn misdadige list,
kreeg niet de beloofde beloning. Hij werd tijdens een tocht in zee geworpen en verdronk.
Enkele jaren later had Pelops last van een knagend geweten. Om rust te vinden liet hij ter ere
van de god Hermes, de vader van Myrtillos, een tempel oprichten. Pelops breidde ook
zijn rijk uit tot Olympia, waar hij om de gunst van de goden te behouden, spelen
liet organiseren, die volgens de legende van een ongekende pracht waren. Het is bekend
dat de Grieken hun goden en hun helden niet beschouwden als wezens zonder zwakheden. Zij
vergaven Pelops' misdaad en noemden het zuidelijk deel van Griekenland naar hem:
de Peloponnesos.
Na zijn dood bleef Pelops geëerd en rondom zijn graf werden wagenrennen georganiseerd.
Alle Griekse schrijvers hebben hun eigen verklaring voor het ontstaan van de Spelen.
Volgens Paionaios werd in Olympia,
in de buurt van het graf van Cronos, een wedstrijd gehouden onder Paionaios, Epinedes,
Jasios en Idas.
Nog anderen zinspelen op een loopwedstrijd tussen Apollo en Hermes,
die door eerstgenoemde werd gewonnen.
Zekerheid omtrent de oorsprong van de Olympische Spelen bestaat er in geen geval.
Ergens tussen mythe en werkelijkheid zal de oorsprong wel liggen.
In de Ilias geeft Homeros een aangrijpende beschrijving van de wedstrijden die Achilles
aan de voet van de Trojaanse muren liet plaatsgrijpen ter ere van zijn gesneuvelde vriend
Patroklos. Homeros beschrijft daarbij wagenrennen, vuistvechten, worstelen, hardlopen,
discus- en speerwerpen, met andere woorden niet veel minder dan een volledig Olympisch programma.
|
|
|